Home Nieuws Openbare aanklager Strafhof ICC moet Israëlische aanval op Mavi Marmara alsnog onderzoeken

Openbare aanklager Strafhof ICC moet Israëlische aanval op Mavi Marmara alsnog onderzoeken

In een 2 tegen 1 beslissing, hebben rechters van het Internationaal Strafhof (ICC) geoordeeld dat aanklager Fatou Bensouda “materiële fouten” in haar “besluit niet te onderzoeken” heeft begaan door de illegale Israëlische entering van het Turkse hulpschip Mavi Marmara in 2010 niet te onderzoeken voor oorlogsmisdaden. Bij de Israëlische aanval in mei 2010 werden 9 humanitaire hulpverleners gedood. De rechters bevelen haar om zo spoedig mogelijk haar besluit te heroverwegen. Dat meldt Mondoweiss.

Advertentie

Bij het eerdere besluit van haar voorlopige onderzoek verklaarde Bensouda in november vorig jaar nog dat er aanleiding is om te geloven dat er “oorlogsmisdaden onder de jurisdictie van het Internationaal Strafhof zijn gepleegd”, maar dat ze niet “voldoende zwaarte” hadden die verdere actie door het ICC zou rechtvaardigen.

De originele verklaring:
2. […] The Prosecutor determined that there was reasonable basis to believe that the war crimes of wilful killing under article 8(2)(a)(i), wilfully causing serious injury to body and health under article 8(2)(a)(iii), committing outrages upon personal dignity under article 8(2)(b)(xxi), and, if the blockade of Gaza by Israel is to be deemed unlawful, also intentionally directing an attack against civilian objects under article 8(2)(b)(ii) of the Rome Statute (the “Statute”) have been committed in the context of the referred situation.

18. By articulating in the Decision Not to Investigate a principle without basis in the law, the Prosecutor committed an error. However, the Chamber observes that the Prosecutor did not in fact apply the principle she announced, and did take into account certain facts “outside of the Court’s jurisdiction” for the purposes of her analysis under article 53(1) of the Statute, such as for her conclusion that crimes were committed only on the Mavi Marmara and that no serious injuries occurred on the other vessels in the flotilla (para. 138), or for her conclusion that the identified crimes had no significant impact on the population in Gaza (para. 141).

19. Therefore, the Chamber is of the view that the articulation of the erroneous abstract principle did not, as such, affect the validity of the Prosecutor’s assessment of gravity. The various factors considered by the Prosecutor in the context of her assessment of gravity need to be examined individually.