Home Nieuws MediaMonitor | Metro drukt feitelijke nonsens Ebru Umar over moord op Khashoggi...

MediaMonitor | Metro drukt feitelijke nonsens Ebru Umar over moord op Khashoggi af

By Oscar [GFDL (http://www.gnu.org/copyleft/fdl.html), CC-BY-SA-3.0 (http://creativecommons.org/licenses/by-sa/3.0/) or CC BY 2.5 (https://creativecommons.org/licenses/by/2.5)], from Wikimedia Commons

Dagblad Metro drukte dinsdag feitelijke onzin af van de hand van columniste Ebru Umar. Umar schrijft dat Turken getuige waren van de moord en ‘zagen dat het goed was’.

Umar uit in haar column beschuldigingen aan het adres van Turkije en Turken, zonder dat ze zich daarbij verdiept lijkt te hebben in de Weense Conventies voor Consulaire en Diplomatieke Relaties.

Een closeread van de twijfelachtige en suggestieve passages:
Ebru start haar column met de volgende passage:

“Je bezoekt een consulaat om wat stempels te regelen, maar eindigt als stukjes veevoer. Morsdood. Zonder enig spoor van jezelf.
Het kan, in Turkije.”

Feitelijk zegt Ebru hier niets fout. De suggestie wordt wel gewekt dat de Turkse autoriteiten iets te zeggen hebben over wat er zich binnen de muren van het Saudisch consulaat afspeelt. Het Saudisch consulaat is inderdaad geen grondgebied van Saudi Arabië, maar dat van Turkije. Volgens de Weense conventies voor consulaire en diplomatieke relaties is het een land echter niet toegestaan, zonder toestemming van het hoofd van de diplomatieke missie, de gronden van het consulaat te betreden. In dit geval dat van Saudi Arabië. Ook het doorzoeken van diplomatieke voertuigen of diplomatieke post en/of tassen is zonder uitdrukkelijke toestemming niet toegestaan.

Ebru vervolgt haar column:

“Weliswaar is de plek van handeling het Saoedisch consulaat, maar de Turken luisterden de liveshow genoeglijk af.”

Liveshow Khashoggi

Ebru suggereert hier dat Turken de liveshow afluisterden. Voor deze bewering is geen enkel bewijs. Sterker nog. Ebru suggereert hier dat Turkije de Weense Conventie voor Diplomatieke relaties schond en het consulaat aan het afluisteren was op het moment van de moord. Een bewering die feitelijk onjuist, of althans niet te staven is met bewijzen. Turkije heeft bij de VS en Saudi Arabië aangegeven dat het beschikt over audio- en videobewijs van de mishandeling en moord op Jamal Khashoggi. Voor het verkrijgen van deze beelden zijn allerhande theorieën te bedenken. Zo kan het audio- en videomateriaal ook afkomstig zijn geweest van de camera’s waarvan de Saudi’s zeiden dat ze defect waren op het moment dat Khashoggi naar buiten kwam. Het kan aangeleverd zijn door een gewetensbezwaarde werknemer van binnen het consulaat. De Turkse medewerkers van het consulaat kregen op de dag dat Khashoggi zijn zaken kwam regelen vrijaf. Niet zonder reden, naar achteraf blijkt.

“Ze zaten op de eerste rij terwijl Jamal Khashoggi vermoord werd en zagen dat het goed was.”

Dan maakt Ebru het nog bonter. Door te stellen dat Turken niet alleen live aan het meekijken waren hoe Khashoggi werd vermoord en in stukken gehakt, maar dat ze zagen dat het goed was. Er is geen enkel bewijs om tot de conclusie te komen dat Turkije of Turkse agenten zagen dat het goed was. Ebru Umar verkondigt hier feitelijke nonsens. Turkije heeft in de georganiseerde moord op Khashoggi de hand van Saudi Arabië gedwongen om zich bloot te geven over wat er zich heeft afgespeeld in het consulaat zonder dat het zich bekommerde over wat voor diplomatieke consequenties het zou hebben.

Ebru sluit haar column af met deze woorden:

“Met het toeschouwen van de moord op Jamal Khashoggi hebben de Turken duidelijk gemaakt dat journalisten oppakken peanuts is vergeleken met wat je er nog meer mee kunt doen: vermoorden.

Mochten jullie willen.”

Zoals eerder uiteengezet is er voor de stelling dat de moord live is toegeschouwd door de Turken, geen enkel feitelijk ondersteunend bewijs, laat staan dat Turken er iets mee duidelijk probeerden te maken. Ebru suggereert dat Turken hebben duidelijk gemaakt dat je journalisten ook kunt vermoorden. In de moderne geschiedenis van de Turkse republiek is er geen enkele journalist vermoord door de Turkse overheid. De journalisten die werden vermoord, Abdi Ipekçi (1979), Musa Anter (1992), Ugur Mumcu (1993), Ahmet Taner Kislali (1999) en Hrant Dink (2007), werden allemaal vermoord door politieke opponenten.

Weer een journalist vermoord door bezettingsleger Israël