Home Opinie Persvrijheid? Zo vrij is de pers in Nederland niet

Persvrijheid? Zo vrij is de pers in Nederland niet

DELEN
Verschillen in benadering van ISIS en PKK door de staatsomroep NOS.

Kranten die gesloten worden, journalisten die vastzitten, politici en academici die vastzitten, rechters en officieren ontslagen. Een eensluidend mantra dat al geruime tijd wordt herhaald in westerse media. Bij de Turkije-duiding ontbreekt volledig het perspectief van Turken zelf en het leed dat de Turkse bevolking al decennia wordt aangedaan. Hoe vrij is onze pers, wanneer men de lezer al dan niet bewust, onjuist of onvolledig informeert?

Persvrijheid, een begrip dat vaak valt in Nederland en andere westerse landen, om de voor hen nijpende situatie in Turkije betekenis te geven. Volgens het juridisch woordenboek draagt het de volgende betekenis: “Vrijheid van journalisten om (diepgaand) onderzoek naar feiten en omstandigheden te doen en ongecensureerd daarover te publiceren. Publicatie van leugenachtige berichtgeving kan – desnoods via de rechter – worden voorkomen“. Het zegt niets over de diversiteit van het nieuws, pluriformiteit van journalisten en de volledigheid van het verhaal waarover wordt gepubliceerd. Het gaat over de vrijheid om onderzoek te doen naar feiten en daar ongecensureerd over te publiceren. Niets meer en niets minder.

Bevolking Europa krijgt doelbewust onvolledige informatie
Is er in Nederland persvrijheid en in Turkije niet? Het zou in Turkije volgens critici aan persvrijheid ontbreken, omdat diverse kranten voor en na de bloedige couppoging van 15 juli 2017 zijn gesloten. Om het publiceren van artikelen vastzitten klinkt als iets absurds in menig oor, ook dat van mij. De Vrijheid van Meningsuiting en de Persvrijheid zijn voor mij en voor veel andere Turken en Turkse Nederlanders een recht waaraan niet getornd dient te worden. Maar waar westerse media eensgezind spreken van onterecht vastgezette journalisten, wordt de bevolking van Europa een cruciaal deel van de informatie doelbewust onthouden door dezelfde media die melding pogen te doen van het door hen waargenomen feit of via voor hen betrouwbare partijen waargenomen bevindingen. Uit een lijst van 80 zogeheten journalisten van het CPJ blijken er in Turkije 62 vast te zitten voor FETÖ/PDY, 12 PKK, 2 MLKP, 1 MKP, 1 DHPK-C. Ook de strafbare feiten liegen er niet om: het vermoorden van een agent, het voorbereiden van een explosief, het aanvallen van een politiehoofdkwartier/vereniging/café met explosieven, het afpersen van een bank of het gooien met een brandbom. Berichtgeving hierover in de Nederlandse media: 0. De bevolking van Europa krijgt over deze arrestaties doelbewust onvolledige informatie. Het uitoefenen van een beroep als journalist geeft je volgens mij nergens ter wereld immuniteit tegen vervolging voor begane misdaden. Het ontbreekt bij
persagentschappen niet aan capaciteit om deze zaken diepgaand te onderzoeken.

Terreurverheerlijking, moeten we dat normaal vinden?
Een voorbeeld van een krant in Turkije die is gesloten, is Özgur Gündem. Een krant die fungeerde als het mondstuk van de terreurbeweging PKK, dat verantwoordelijk is voor de dood van 40.000 mensen. Geen enkele krant in Nederland heeft verslag gedaan van het simpele feit dat Ozgur Gundem directe banden onderhield met één van de leiders van de terreurbeweging PKK, Duran Kalkan, die zich schuilhoudt in de bergen van Irak. Geen enkele krant in Nederland heeft het over het leed dat de Turkse bevolking wordt aangedaan door de PKK en hoe deze terreurgroep zich vrijelijk kan manifesteren en financiering kan ophalen in Europa. In een maand tijd zijn onlangs twee leerkrachten vermoord door de terreurgroep PKK. Een meisje van 22, Aybuke Yalcin, en een jongen van 23, Necmettin Yilmaz. Even daarvoor waren het twee lokale politici van de AK-Partij die zijn vermoord door de terreurgroep. Deze vier mensen zijn niet vastgezet of ontslagen, maar van het leven beroofd in de lente van hun leven. Juist daar waar de hulp en het onderwijs het hardst nodig is, in het oosten van Turkije. Wat kan een nog urgenter recht zijn dan het recht op onderwijs voor kinderen in zuid-oost Turkije? Waarom schrijft niemand over deze onschuldige jonge mensen die van het leven zijn beroofd?

John Dündar, de marionet die iedere westerse regering wil
Hoe vrij is de pers in het westen wanneer er geen verslag wordt gedaan van de wreedheden die bijna dagelijks worden begaan door PKK-terroristen? Waar men in Turkije spreekt van repressie bij arrestaties, spreekt men in Nederland van ordehandhaving wanneer antiracisme-demonstranten in Rotterdam met harde hand worden gearresteerd wanneer ze een paar bordjes omhoog willen houden tegen de racistische karikatuur Zwarte Piet. Om maar niet te spreken over Julian Assange, Edward Snowden en Chelsea Manning. Laatstgenoemde werd veroordeeld tot een gevangenisstraf van zestig jaar voor spionage en diefstal, omdat zij de bekende beelden (Collateral Damage) naar Wikileaks had gelekt van een Amerikaanse aanval op Iraakse burgers met een Apache gevechtshelikopter. Manning werd uiteindelijk vervroegd vrijgelaten door aftredend president Obama. Een soortgelijk geval van spionage vond ook in Turkije plaats. De voormalige Cumhuriyet Hoofdredacteur Can “John” Dündar publiceerde beelden van een aanhouding van een wapentransport van de Turkse veiligheidsdienst. De wapens zouden bestemd zijn voor de Turkmenen om zichzelf te beschermen tegen terreurgroepen zoals DAESH en de PKK. Dündar werd veroordeeld tot een gevangenisstraf voor spionage en week uit naar Duitsland waar hij tegenwoordig in alle vrijheid verblijft. Zoals de gevluchte Gülenisten en PKK-terroristen. Dündar was overigens niet alleen de hoofdredacteur van Cumhuriyet, maar ook gastredacteur bij de terreurkrant Ozgur Gundem, iets waarover je niet snel zult lezen in westerse kranten, omdat het beeld dat men de Nederlandse bevolking wil voorhouden over een monddood gemaakte oppositie dan wankelt. Sappig feit is dat Can Dündar, Ozgur Gundem-redacteur Inci Hekimoglu en zelfs EU-provocateur Kati Piri bijdragen hebben geleverd aan ARTI-TV in Duitsland, waarvan de financiering bijeen wordt gehaald door een Stichting in Nederland.

Jantje, Pietje, Ingrid en Sandra weten niet dat het journaille in Nederland ze maar een klein deel van het verhaal vertelt over Turkije, maar Mehmet, Hasan, Ayse en Fatma zien scherper dan ooit dat we in Nederland in principe persvrijheid hebben, maar in feite maar een zeer beperkt deel van het verhaal meekrijgen. Hetzelfde geldt niet voor Israël, waar jaarlijks menig Nederlands journalist een stoomcursus Israëlische propaganda krijgt aangeboden door het CIDI, de pro-zionistische lobbygroep in Nederland. Lezers krijgen over Turkije precies genoeg om het voor de journalisten juiste beeld te vormen. Mensen met andere meningen die geen Özcan, Ebru, Keklik of Fidan heten, wijken uit naar andere kranten of die vreten zichzelf op vanwege de onuitstaanbare eenzijdigheid van het nieuwsmenu in Nederland. Wordt het niet tijd dat journalisten in Nederland zich aan een kritisch zelfonderzoek onderwerpen en de grenzen van de persvrijheid werkelijk aftasten? Wat voor waarde heeft persvrijheid als het alleen maar wordt gebruikt ter legitimering van het aanzetten tot haat tegen minderheden en moslims? Gevangen tussen lobbygroepen, adverteerders en de belangen van westerse overheden, blijft er anders -zoals ik het zie- van de vrije journalist in Europa alleen nog maar een notulist over.